Huren of kopen
De vergelijking gaat niet over huur tegenover hypotheeklast, maar over alle kosten aan beide kanten.
Wat erbij hoort
| Huren | Kopen |
|---|---|
| Huur, servicekosten | Rente en aflossing |
| Huurdersverzekering | Opstalverzekering |
| Geen onderhoud aan de woning | Onderhoud, gemiddeld een tot twee procent van de waarde per jaar |
| Geen belastingen op bezit | Onroerendezaakbelasting, eigenwoningforfait |
| Geen waardeverandering | Waardeverandering, in beide richtingen |
Kosten bij aankoop
Overdrachtsbelasting, notaris, taxatie, advies en bankgarantie komen bovenop de koopsom en worden niet meegefinancierd. Wie binnen enkele jaren weer verhuist, verdient die kosten zelden terug.
Wanneer huren logisch is
- Bij een verblijf korter dan ongeveer vijf jaar.
- Bij een onzeker inkomen of een aanstaande verhuizing.
- Wanneer de koopprijs in verhouding tot de huur ver uit de pas loopt.
Vaste lasten op termijn
Een annuiteitenhypotheek geeft een vaste maandlast die door inflatie relatief lichter wordt, terwijl huur jaarlijks wordt geindexeerd. Over twintig jaar is dat het grootste verschil tussen beide routes.
Wat vaak wordt vergeten
Een eigen woning vraagt een reserve voor onderhoud. Een dak, een cv-ketel en kozijnen komen niet tegelijk, maar ze komen wel. Een vast bedrag per maand opzij zetten voorkomt dat zo'n post op een ongelegen moment valt.